Fictieve kosten, maar echte BV-aftrek!

BV kreeg gelijk. Uiteraard betoogde de BV dat de renteloze lening uitsluitend was verstrekt wegens de aandeelhoudersrelatie. Dat moest de BV wél bewijzen. Dat lukte haar door onder meer te wijzen op de condities waaronder de lening was verstrekt.

Zo was de lening niet alleen laagrentend, maar was er ook een rentepauze, ontbraken er zekerheden, was de lening achtergesteld en had men de lening niet gewoon bij een bank kunnen krijgen. De inspecteur had hier niet van terug. De Rechtbank Leeuwarden (LJN: BL1154) besliste dat de door de moeder-BV niet-bedongen rente voor de dochtermaatschappij een fictieve, maar wel aftrekbare aftrekpost vormde.

Wat kunt u hiermee? Als DGA kunt u een renteloze lening aan uw BV verstekken. Dat heeft dan mogelijk tot gevolg dat de BV een aftrekpost kan claimen.

Bedenk echter wel dat u dan als DGA met uw lening in de TBS regeling zult vallen. De vennootschapsbelastingaftrekpost van uw BV (maximaal 25%, vaak slechts 20%) betaalt u met een bijtelling die belast is tegen maximaal 52%. Niet écht leuk dus!

Voordeliger. Voordeliger pakt zo’n zachte leningopzet uit tussen BV’s onderling. Zeker als de crediteur in een fiscaalvriendelijk buitenland gevestigd is, kan deze constructie voordelen opleveren.

Écht in het buitenland zitten. Die BV moet dan ook wel écht in het buitenland zitten en niet uitsluitend op papier.

Dat kunt u wel bereiken (bijvoorbeeld met een trustmaatschappij), maar als het om relatief kleine bedragen gaat, zijn de kosten vaak te hoog om voordeel te kunnen behalen.

Dit artikel verscheen eerder op ondernemingsdatabank.indicator.nl